HISTORIE

VV Heerenveen speelde tijdens het seizoen 1922/23 voor de eerste keer in competitieverband. Dat leverde direct succes op, in de eerste twee seizoenen werd tweemaal een promotie afgedwongen. In de tweede klas NVB bleef Heerenveen in eerste instantie overeind, maar na het eerste lustrum volgde een moeizame periode. In het seizoen 1927/28 werd zelfs maar één punt behaald. Degradatie leek onafwendbaar, maar als gevolg van organisatorische wanorde bij de voetbalbond ontsnapte de club op miraculeuze wijze.

Na deze ontsnapping liet VV Heerenveen zich huisvesten aan een nieuwe accommodatie aan de J.H. Kruisstraat, waar de club tot 1993 de thuiswedstrijden zou afwerken. Dat inspireerde de club. In 1936 werd het team zelfs kampioen, maar in de promotiecompetitie bleek Achilles uit Assen nog een maatje te groot. Een jaar later was het alsnog raak. Na de behaalde titel werd promotie afgedwongen ten koste van WVV (Winschoten) en Friesland (Leeuwarden). De jonge Abe Lenstra maakte toen al deel uit van de selectie.

De grote doorbraak
In de eerste klas wist VV Heerenveen zich het eerste seizoen maar ternauwernood te handhaven. Met tegenstanders als Be Quick en GVAV was dat toentertijd geen onoverkomelijk feit, maar langzamerhand groeide er toch iets moois in het Friese Haagje. Tijdens de Duitse bezetting behaalde Heerenveen drie Noordelijke titels op rij. Na de bevrijding volgden nog zes opeenvolgende titels. Onder aanvoering van Us Abe werd zelfs de landstitel een realistisch doelwit, maar de absolute bekroning bleef uit.

Abe LenstraDe terugval
De hegemonie van VV Heerenveen eindigde in de jaren vijftig. Abe Lenstra probeerde het team nog wel op niveau te houden, maar de clubleiding stond niet te springen om het beschikbare budget te spenderen aan toppers uit de rest van het land. Er bestond te veel twijfel om mee te springen naar het betaald voetbal. Voor de sterspeler, geboren in Heerenveen, was dat aanleiding om de laatste jaren van zijn prachtige carrière door te brengen bij andere clubs. In 1955 vertrok Lenstra naar Sportclub Enschede.

Succes boekte VV Heerenveen nog wel, in het seizoen 1959/60 welteverstaan. Na een derde plek in de Tweede Divisie B mocht de ploeg promotiewedstrijden afwerken tegen het Limburgse Roda Sport. Op 1 mei 1960 won Heerenveen de thuiswedstrijd met 4-0, een week later volstond een 0-0 gelijkspel voor de sprong naar de eerste divisie.

Donkere jaren
VV Heerenveen wist zich als eerstedivisionist nauwelijks te onderscheiden. De club werd een grauwe middenmoter, trok weinig publiek en had bovenal weinig geld in de kas. Tot overmaat van ramp leidde een reorganisatie binnen de KNVB tot gedwongen degradatie. In die periode stond VV Heerenveen aan de rand van de afgerond. Uitgerekend in die fase ontstond in Heerenveen een saamhorigheidsgevoel. Onder aanvoering van Aktie '67 werden allerlei activiteiten georganiseerd om de club weer overeind te trekken.

Riemer van der Velde
Na de redding in de jaren zestig bleef VV Heerenveen wisselvallig presteren. In 1970 promoveerde de club naar de eerste divisie door het kampioenschap te behalen, maar vier jaar later moest de club opnieuw vol aan de bak om een faillissement te vermijden. In 1983 was het opnieuw raak. Sportclub Heerenveen presteerde onder Henk van Brussel (wiens speelwijze bekend werd als 'de Brusselse Kermis') prima en creëerde een acceptabele fanbase, maar toch ontstond een tekort van ongeveer anderhalf miljoen gulden.

Een structurele oplossing werd gezocht en gevonden in de persoon van Riemer van der Velde. De nieuwe voorzitter uit Bakkeveen wist de club organisatorisch beter op poten te zetten, nam afscheid van de rode cijfers en stond nadrukkelijk aan de basis van het ontstaan van een sponsorgroep. Dat laatste leidde in 1987 tot de oprichting van de Ondernemers Sociëteit Sportclub Heerenveen (OSSH). In Foppe de Haan werd dé trainer voor de lange termijn gevonden.

EredivisieVan der Velde en De Haan
De Haan is in 1985 de opvolger van Van Brussel bij sc Heerenveen. Aanvankelijk levert dat niet het gewenste resultaat op, waardoor hij in de zomer van 1988 plaats moet maken voor Ted Immers. De Haan richt zich vanaf dat moment op de achtergrond op de invulling van het technische beleid. Onder leiding van Immers en diens vervanger Ab Gritter blijft het gewenste doel uit, maar in het seizoen 1989/90 is het dankzij Fritz Korbach dan eindelijk een feit: voor de eerste keer sinds de invoering van het betaald voetbal promoveert Heerenveen naar de Eredivisie.

Heerenveen verliest de eerste nacompetitiewedstrijden in 1990, maar blijft dankzij de concurrenten in het zadel. Een tweeluik met FC Emmen moet uiteindelijk de doorslag geven. Gertjan Verbeek poetst in de return met een vroege kopbal de achterstand uit de heenwedstrijd weg, Marten Dijk zorgt voor de beslissende tweede treffer.

Groei ondanks degradatie
Het Eredivisie-verblijf van sc Heerenveen duurt slechts één jaar, op basis van een negatiever doelsaldo ten opzichte van concurrent SVV. De club keert terug naar de eerste divisie, maar blijkt vastberaden om een vaste kracht te worden op het hoogste niveau. Het seizoen 1992/93 blijkt de definitieve ommekeer. Na het ontslag van Korbach in oktober 1992 weet sc Heerenveen onder leiding van De Haan een sterke ploeg op te bouwen. Heerenveen promoveert via de nacompetitie opnieuw naar de Eredivisie.

Het seizoen 1992/93 brengt sc Heerenveen nóg een enorm succes. De ploeg van De Haan kent een uitmuntend bekertoernooi als eerstedivisionist en weet zelfs topclub PSV uit te schakelen, in de verlenging maakt Marco Roelofsen de beslissende treffer: 2-1. Nadat ook FC Den Bosch buigt in het Abe Lenstra Stadion is het bereiken van de bekerfinale plotseling een feit. Bijna heel Friesland loopt in 1993 uit voor de finale tegen Ajax en ondanks de afgetekende 6-2 nederlaag ontstaat een enorm volksfeest.

Subtopper in nieuw onderkomen
Heerenveen handhaaft zich in het seizoen 1993/94 in de Eredivisie middels een keurige dertiende plek. De Friese club stoot direct door middels de oplevering van een nieuw stadion, wederom vernoemd naar clubicoon Lenstra. Het publiek raakt dolenthousiast en zorgt voor uitverkochte thuiswedstrijden. Zelfs Europese wedstrijden worden een feit in Heerenveen. Na een reeks Intertoto-wedstrijden kent de club in 1998 een primeur door te debuteren in de toenmalige Europa Cup II. Het Poolse Amica Wronki blijkt geen obstakel voor de manschappen van De Haan, maar in de tweede ronde verliest de ploeg in de verlenging van het Kroatische Varteks Varazdin.

Ondanks de zure uitschakeling blijft sc Heerenveen aan de weg timmeren. In 2000 mag de club opnieuw deelnemen aan een prestigieus clubtoernooi in Europa, de Champions League. Na een fantastisch seizoen met een tweede plek als eindklassering mag de dorpsclub zich tussen de grootste clubs van Europa presenteren. Heerenveen blijft uitgezonderd de uitwedstrijd tegen Olympique Lyon (3-1) keurig overeind, hoewel het geen serieuze rol van betekenis speelt. Alleen tegen Olympiakos Piraeus (1-0) en Valencia (1-1) worden punten gesprokkeld.

Heerenveen heeft dan al een tweede bekerfinale achter de rug, in 1997 verliest de ploeg enigszins verrassend met 4-2 van Roda JC. In die periode krijgt de club niettemin veel schouderklopjes op basis van sterk scoutingswerk. Spelers als Jon Dahl Tomasson en Ruud van Nistelrooy komen via Friesland terecht bij grote clubs. Het duo Van der Velde en De Haan krijgt hiervoor alle credits, maar dat blijkt na het vertrek van het tweetal (respectievelijk 2006 en 2004) geen uitschieter.

Succes in Rotterdam en Europa
Met Gertjan Verbeek als trainer weet sc Heerenveen tweemaal te overwinteren in Europa, in de seizoenen 2004/05 en 2005/06. Clubs als Benfica, VfB Stuttgart, Newcastle United, CSKA Moskou en grootmacht AC Milan maken kennis met de Friese trots. Ook de ontwikkeling van spelers met een prachtige transfersom als beloning blijft intact. Afonso Alves (achttien miljoen euro), Miralem Sulejmani (16,25 miljoen) en Klaas-Jan Huntelaar (negen miljoen) spannen de kroon.

Het succes van sc Heerenveen brokkelt na het vertrek van Verbeek af. Na het seizoen 2012/13 ontstaat zelfs een interne crisis met het vertrek van de voltallige clubleiding als gevolg. Op dat moment heeft de club al een riant succes geboekt, op 17 mei 2009 verovert de club onder aanvoering van de Noor Trond Sollied de nationale beker door FC Twente na strafschoppen te verslaan in de bekerfinale. Nog dezelfde nacht vieren de verantwoordelijke mensen de bekerwinst op het terrein naast het Abe Lenstra Stadion. Zonder noemenswaardige incidenten.

  • 1

    AFC Ajax

    86

    34

  • 2

    PSV

    83

    34

  • 3

    Feyenoord

    65

    34

  • 4

    AZ

    58

    34

  • 5

    SBV Vitesse

    53

    34

  • 6

    FC Utrecht

    53

    34

  • 7

    Heracles Almelo

    48

    34

  • 8

    FC Groningen

    45

    34

  • 9

    ADO Den Haag

    45

    34

  • 10

    Willem II

    44

    34

  • 11

    SC Heerenveen

    41

    34

  • 12

    VVV Venlo

    41

    34

  • 13

    PEC Zwolle

    39

    34

  • 14

    FC Emmen

    38

    34

  • 15

    Fortuna Sittard

    34

    34

  • 16

    SBV Excelsior

    33

    34

  • 17

    VBV De Graafschap

    29

    34

  • 18

    NAC Breda

    23

    34

Vrijdag, 24 mei

  • 20:45

    FC Utrecht - SBV Vitesse

Dinsdag, 28 mei

  • 20:45

    SBV Vitesse - FC Utrecht